Sieruien op de juiste manier planten, vermeerderen en snoeien

Inhoud

 

Hoe wordt de sierui op de juiste manier geplant?

Bollenplanten groeien in de natuur vaak op extreme standplaatsen. Hun wortels dienen als opslag van levenskracht, om vele maanden lang droogte te kunnen weerstaan. De sierui is daarop geen uitzondering. De bolgewassen houden van een zonnige plaats, hoewel ook de halfschaduw nog wordt getolereerd. Beslissend voor het kweeksucces is de doorlatendheid van de bodem. Een gedraineerde en vruchtbare bodem leidt tot een goede groei van de planten. In een zware vochtige bodem wordt grof zand of fijne kiezelstenen gemengd. Het moet knarsen als men het zand tussen de vingers wrijft.

De planttijd van de in het voorjaar bloeiende sierui is in de herfst. Tot uiterlijk november worden de bollen in de grond geplant. Afhankelijk van de grootte van de bol wordt een plantdiepte tussen 5 en 10 cm aanbevolen. Een vuistregel luidt, dat het plantgat 3x zo diep moet zijn dan de bol hoog is. Uitgegraven wordt met een handschep of een bollenplanter. Een ca. 1 cm hoge laag kiezelstenen op de bodem van het gat is zinvol. Dit zorgt voor een extra bescherming tegen te veel vocht. Op de kiezelstenen wordt de bol met de bodem naar beneden geplant en het plantgat opgevuld. Een kleine markering, bv. een bamboe of houtstaafje, geeft tijdens de rustperiode een indicatie dat daar bollen in de grond zitten.

Bij het planten in een perk met vaste planten is een combinatie met laat uitlopende vaste planten of siergrassen. Tussen siergrassen ziet de sierui er bijzonder graciel uit. Zijn grote bloemhoofden worden door de tere blaadjes van het parelgras (Sporobolus) of het Mexicaanse vedergras (Stipa tenuissima) omringd. Veel siergrassen wensen soortgelijke droge standplaatsen en beschermen later in het jaar, door hun „nesten“, de rustende bollen in de grond. Dit functioneert ook met laat uitlopende vaste planten zoals bv. de hosta of hartlelie. Als de sierui bloeit lopen deze nog steeds uit. Later gaan de bladeren beschermend over de slapende bollen liggen.

 

Hoe worden sieruien onderhouden?

De sierui heeft geen omvangrijk onderhoud nodig. Gieten is zelden nodig, want in de zomerse rustperiode is water schadelijker dan nuttig. Gele bladeren tijdens de bloeiperiode doen afbreuk aan de schoonheid van de bloem. Ze kunnen al vroeg worden teruggesnoeid. Compost of organische meststoffen worden in het voorjaar gegeven. Ze bevorderen de groei en het vormen van nieuwe dochterbollen. De meeste in de handel verkrijgbare sieruien zijn bij ons goed vorstbestendig en robuust. Het is echter raadzaam de bollen in de winter met bv. droge bladeren of dennentakken te bedekken. Milde winters bevorderen het vroege uitlopen. Als daarna nog een koude periode volgt, in het ergste geval een strenge vorst aan de grond, kunnen de uitlopende bollen beschadigen. Gevaarlijk is afwisselende warmte en koude. Ze leiden bij veel vaste planten en bollen tot problemen.

 

Hoe wordt de sierui vermeerderd?

Het vermeerderen van sieruien kan generatief door zaad of vegetatief door dochterbollen worden gedaan. Uitzaaien is alleen zinvol bij reine bollenrassen. Totdat het zaad zich heeft ontwikkeld naar een bol die kan bloeien, kunnen enkele jaren verstrijken. Eenvoudiger is het de afleggers of dochterbollen van de late zomer tot de herfst te planten. Aan de moederbol zitten meerdere kleine bollen, die eraf gehaald kunnen worden en apart kunnen worden geplant. Deze maatregel is vooral raadzaam als de bollen te dicht op elkaar staan en elkaar hinderen. De bollen worden eruit gehaald en op een afstand van 20 tot 25 cm nieuw geplant.

De sierui hoeft nauwelijks bang te zijn voor ziektes of ongedierte. Slechts na een milde winter kunnen uienvliegjes optreden.

 

Hoe kunnen sieruien worden gebruikt?

Er zijn prachtig gevormde sieruien. Ze bloeien in reusachtige bloemballen in blauwe, gele, roze, paarse, rode, purper of witte tinten. Kleine of alpine soorten voelen zich prettig in rotstuinen, bakken of in smalle borders. Hogere sieruien zijn prachtige buren van siergrassen. Deze combinatie is uiterst geliefd in prairie- of kiezeltuinen. In een tuin met vaste planten ziet de sierui er geweldig uit tussen pioenrozen (Paeonia), geraniums (Geranium) of de bossalie (Salvia nemorosa). Het goudlook (Allium moly) ziet er op de voorgrond of in een kruidentuin goed uit. Zijn blaadjes zijn net als van het daslook eetbaar. De soorten met de grote bloemen zien er geweldig uit als snijbloemen in een vaas. De zaaddozen van de allium kunnen mooi in droogboeketten worden gebruikt.

Aan te bevelen rassen en soorten zijn bv.: 

  • Allium caeruleum (blauwe look) – sierui met kleine hemelsblauw bloeiende bloemen
  • Allium cristophii (sterrenlook) – sierui met grote bloemballen op compacte stelen met mooie glanzende violette stervormige bloemen
  • Allium giganteum (reuzenui) – grote sierui met een groeihoogte van meer dan 1 meter met reusachtige bloemballen  
  • Allium 'Globemaster' (reuzenui) – verpreide hybride met reusachtige violette kogelvormige bloemen
  • Allium hollandicum (Nederlandse look) – Klassieke, grootbloemige en wijdverspreide sierui, ook bekend als Perzische ui (Allium aflatunense)
  • Allium karataviense (puinlook) – compacte looksoort met lichte roze tot lila bloemen die naar verhouding nogal groot zijn, voor rotstuinen en lage beplantingen  
  • Allium moly (goudlook) – kleinere looksoort met gele bloemetjes voor border- en compacte beplantingen en in een kruidentuin

 

Is een sierui giftig?

Sieruien zijn niet giftig. Het kan echter gebeuren dat bij gevoelige mensen door een intensief contact met de plant huidirritaties kunnen ontstaan of een allergie wordt versterkt.

 

Wanneer is de bloeiperiode van de sierui?

De bloeiperiode begint al tamelijk vroeg in het voorjaar – vanaf april. Zodra de eerste groene blaadjes uitlopen, duurt het maar enkele weken totdat de plant volledig bloeit. Laatbloeiende soorten bloeien ook nog in oktober. De decoratieve zaaddozen blijven nog lang aan de plant.

 

Verdere Informatie

De bloemballen van de sieruien behoren zonder twijfel tot de meest decoratieve bloeiende vreugden in de tuin. Al van verre stralen de prachtige bloemen tussen vaste planten, siergrassen of andere tuinplanten. De sierui behoort tot de lookgewassen (allium), die de naamgever is voor de uisoorten (Alliaceae). Tot deze soorten behoren bekende aromatische kruiden, zoals het daslook (Allium ursinum), bieslook (Allium schoenoprasum), prei (Allium ameloprasum) of de gewone ui (Allium cepa). Deze zijn vooral bekend door het gebruik in de keuken.

In totaal zijn meer dan 900 looksoorten botanisch bekend. Verspreid zijn ze over de hele wereld, overwegend op het noordelijk halfrond op rotsen, in gebergtes, steppe of droge gebieden.

Onder hen zijn er enkele lookgewassen die opvallen door hun bijzonder grote en decoratieve bloemballen. Deze rassen en de gekweekte soorten worden allium of sieruien genoemd. Deze kunnen ook worden genuttigd, maar de sierwaarde is groter dan de gebruikswaarde.

De sierui heeft, net als vele andere bolgewassen, een beperkte vegetatieperiode. Net als in een tijdversnelling, loopt ze uit, bloeit al snel en wisselt direct daarna alweer in haar rustfase. Haar aanwezigheid duurt geen 3 maanden. Afhankelijk van de soort worden sieruien van enkele centimeters tot 1,5 meter hoog. Uit één bol, zelden vlezige wortels, lopen stevige rechtop groeiende stengels met rechte of gebogen blaadjes met een linialen tot riemachtige vorm. Bijna alle looksoorten verspreiden het typische uiaroma als er over de blaadjes gewreven wordt. Ze zijn al bijna verwelkt als de sierui begint te bloeien. De bloemen zijn klok-, ster-, of bekervormig in geringe of in grote hoeveelheden half of kogelvormig gevormd. Voordat ze beginnen te bloeien verstoppen ze zich achter een schermblad, dat kort daarna indroogt. De kleuren van de bloemen zijn levendig en al van verre zichtbaar. Vroegbloeiende allium bollen verschijnen reeds in april en late soorten kunnen nog in de gouden herfst bloeien. De enorme bloemballen van tot wel 25 cm wekken de interesse van insecten. Bijen en hommels zijn regelmatige gasten. Na de bloei ontstaan zaadkapsels met zwart zaad. Deze blijven nog lang als vruchten aan de plant en zien er in vergane toestand nog erg attractief uit. Ze kunnen eraf gehaald worden en als decoratie in huis worden gebruikt. Nadat het zaad rijp is, sterft het bovenste gedeelte van de plant af. De bollen rusten zo tot het volgende voorjaar in de grond.

omhoog