Terug

Aalbes (Ribes Rubrum)

Deze winterharde en langlevende bessenstruiken zijn eenvoudig te kweken. De vruchten behoren tot de meest veelzijdige fruitsoorten. De zoet-zure fris smakende bessen bevatten naast talrijke vitamines ook waardevolle mineralen.

 

Standplaats

De aalbes geeft de voorkeur aan een zonnige, luchtige standplaats, maar kan ook in de halfschaduw staan. Belangrijk is het echter er op te letten dat de standplaats bepalend is voor de smaak van de vruchten. Bessen die op een schaduwrijke plek staan zijn zuurder dan de vruchten die op een zonnige standplaats rijpen. Deze bevatten meer suiker en zijn daardoor aangenaam zoet.

 

Bemesten

Om ieder jaar opnieuw een hoge opbrengst te krijgen, moeten de aalbessen worden bemest. Om de bodem te verbeteren moet elk voorjaar rijkelijk compost worden bijgemengd. Bovendien is het zinvol één keer per jaar een samengestelde meststof te gebruiken om het voedselgehalte van de bodem te verbeteren. Omdat de aalbes tot de vlak wortelende struiken behoort is het raadzaam een laag compost of ander organisch materiaal (gras, boomschors) aan te brengen.

 

Snoeien

Als u een hoge opbrengst wenst moet de aalbes worden gesnoeid. Ongeveer 10 krachtige takken per struik kunnen blijven staan. Oudere en zwakkere takken moeten worden verwijderd om plaats voor nieuwe takken te maken. Oude takken herkent men vooral aan het donkere hout. Normaal gesproken zijn dit takken die ouder zijn dan 5 jaar.

 

Stekken

Wie zijn aalbessen wil vermeerderen moet geduld hebben en er moeite voor doen. Drie jaar duurt het voordat uit een klein stekje een struik is geworden.

De 20 tot 30 cm lange stekhoutjes worden in de herfst met een zeer scherp mes van de eenjarige takken afgesneden. Ze worden vervolgens op 2 ogen boven de grond geplant in een mengsel van potgrond en zand. De afstand tussen de stekjes bedraagt ca. 10 cm. Na het planten goed gieten en compost of gemaaid gras op de grond leggen. In de volgende herfst kunnen de stekjes worden verplant. Nu zouden ze al krachtige wortels moeten hebben en goed groeien. Nog een herfst later kunnen ze al worden gesnoeid. Verwijder de zwakste takken en kort de krachtigste tot de helft in. Daarna kan de nieuwe aalbesstruik op de uiteindelijke standplaats worden neergezet. Zon en een humusrijke bodem laten de struik nu goed groeien.

omhoog